30 Juni 2008

Der Meister aus Deutschland



20 Juni 2008

Hansina

Er was zo'n meisje, Hansina. Die naam vergeet je niet zo gauw. Al weken zingt die naam in mijn hoofd, en, achteraf gezien, al dertig jaar. Hansina was een van de kapers van de trein in De Punt. Hansina Uktolseja. Ik krijg haar niet uit mijn hoofd. Ze is vermoord door een Nederlandse marinier. Hansina had een plan, dat is zeker, en Hansina was boos ook, in haar omstandigheden was ik het ook geweest.
In de tijd van de Molukse treinkapingen was het voor mijn vader vreemd genoeg prettig dat er iets gebeurde, hij had afleiding nodig. Hij moest van de medicijnen af, want daar nam hij er te veel van. De kapingen waren voor ons gezin een redding bijna. Toen al, ik hoorde toen dat er een meisje was doodgekomen. Sindsdien heb ik sympathie opgewekt voor de RMS en voor ingenieur Manusama. En voor Hansina. Er is geen schrijver in Nederland die er een boek aan wijdt, of er iets over zegt. Nederlandse schrijvers zijn misschien bang voor anderen die maatregelen nemen. Als je geen maatregelen neemt, ga je over jezelf schrijven.



07 Juni 2008

Het loopt slecht af, het loopt goed af



01 Juni 2008

Nana

Wat ik je zei: het Franse woord voor meisje, leuk meisje, is nana. Zeg dat maar eens tegen een Nederlands meisje. Dat komt van de titel van het boek van Emile Zola. Ik zal je zeggen: ik was heel boos. Er is een droom geweest waar jullie allemaal in voorkwamen. De Nederlanders. Ik heb blijkbaar zo'n enorme hekel aan Nederlanders en de manier waarop ze met hun taal omgaan dat ik er angstdromen van krijg. Ik keek dit weekend op merelroze.com en zie dat niet alleen zijzelf, maar ook iedereen die er reageert van zins in de Nederlandse taal definitief om zeep te helpen. De Nederlanders, ze woonden tegenover me, en keken mijn huis in. Ze stuurden de politie op me af, de Nederlandse politie. Die kwamen even informeren hier. Of ik de taal wel goed beschermde. Binnen de kortste keren zaten we hier met documenten om ons heen, we dronken kopjes koffie, en ik heb ze laten lezen wat ik had geschreven, de afgelopen, wat is het, vijfentwintig jaar.
Als je iets wilt lezen wat de moeite waard is moet je op zijn minst met een Walther-P5 aankomen, bij mij.
Ik heb ze niet met vuisten maar met woorden verwijderd. Sindsdien bewaken ze mijn huis, ze zijn bondgenoten geworden. Ze vinden het goed dat ik... Ze vinden het goed.